Denken over professionele autonomie aan de ene kant en een opleiding die op een aantal locaties wordt aangeboden vergt slim nadenken. Bij voorbeeld bij INHolland zijn er PABO’s op zes locaties waarbij de studenten en de sfeer van iedere locatie anders zijn. Een dergelijke structuur nodigt erg uit tot centrale sturing en het gevoel bij veel docenten niet betrokken te zijn geweest bij de inrichting van het onderwijs. Bij INHolland is dat een paar jaar geleden bij de functiewaardering zelfs vertaald in een veel groter aantal uitvoerende docenten in schaal 10 op de ene locatie ten opzichte van de andere locatie. Dan klopt het gevoel van de docenten dat ze niet betrokken zijn bij de ontwikkeling met de waarderign die de manager aan hun functie geeft.
Gelukkig is dat verleden tijd en wordt er weer positiever door docenten naar voren gekeken. Maar de vraag blijft hoe geef je de docent bij een dergelijke aantal locaties zeggenschap over het onderwijs nabij.
Een mogelijkheid die ik kan bedenken is het aanwijzen van een aantal studiepunten. Bijvoorbeeld 10 in jaar 1 en10 in jaar 2 met als beschrijving van het onderwijs dat dat stuk gebruikt moet worden om lokaal, passend bij die studenten onderwijs eenheden te maken die zorgen dat ze beter toe kunnen werken naar de eindeisen van de PABO. Ik vermoed dat er dan terecht verschillen in het programma komen tussen Alkmaar en Rotterdam. Op alle twee de locaties zie ik dat de studenten een afspiegeling zijn van de omgeving van de hogeschool. Maar ja die omgeving is niet hetzelfde.
Dan kunnen docenten teams kiezen wat voor hun locaties de beste inkleuring is. Dit soort gedachten sluiten aan bij de ontwikkeling van INHolland ik ben wel benieuwd wanneer en of de tijd rijp is om ook daadwerkelijk dit soort zaken te durven oppakken.



Use the Highlighter
This website now has an AutoPublish widget: